Feederen aan de Lek met Peter vd Willik.

Als je met een feeder aan de slag wil op wateren als de IJssel, de Waal, de Maas of de Lek, dan weet je dat het zware materiaal ingepakt kan worden. Met een 2.70 meter feedertje en een korfje van 20 gram kom je dan meestal niet zo ver. Als er eentje is die weet hoe je het op dit soort wateren aan moet pakken dan is het Peter van der Willik wel. Samen met Peter ben ik eens richting de Lek bij Lekkerkerk gegaan om daar eens een visje te gaan vangen.



Als je gaat vissen op een water als de Lek, is het wel zo handig om te zorgen dat je goed geïnformeerd afreist. John Kooij, van de gelijknamige hengelsportwinkel in Schoonhoven, is dan de uitgelezen plaats om een bak koffie te gaan drinken. Vanuit de winkel van John kun je de Lek bijna zien, en als er een is die op de hoogte is van de situatie ter plaatse is hij het wel. Het begint al met de juiste vergunning. De Lek richting Rotterdam valt onder HSV Groot Rotterdam en is niet ingebracht in de Vispas. Je zal dus lid moeten zijn van deze vereniging of een dagvergunning, Euro 5,00, aan moeten schaffen. Die dagvergunning kun je via de website van HSV Groot Rotterdam of in de winkel van John kopen. Vergeet niet om dit te regelen, er wordt flink gecontroleerd op dit water.



Wij gaan vandaag aan de slag tegen de grens van Lekkerkerk aan. Vlak buiten de gemeentegrens is een stenen trapje waardoor het afdalen naar de waterkant een stuk makkelijker gaat. De dijk is vrij steil en dat betekent dat je voorbereid moet zijn op een klauterpartij. Een paar stevige schoenen met flink wat grip is dan wel zo handig. Onder aan de dijk moet je dan de strook keien nog over om je materiaal op te kunnen stellen.  Het meest slimme is het om een los platform van 90 x 100 cm mee te nemen; de poten hiervan zijn vaak een stuk langer dan die van een complete Seatbox. Bijkomend voordeel van deze platforms is dat je er meer bewegingsruimte op hebt. Hoe meer ruimte des te gemakkelijker het is. Op dit platform plaats je dan een losse viskist.



Als wij aan de waterkant verschijnen is het laag water.  Omdat de Lek min of meer direct in verbinding staat met de Noordzee, is de waterstand in de Lek mede afhankelijk van de eb en vloedcyclus op de Noordzee. Het hoogteverschil is ter plaatse ongeveer een meter. Wel handig om hier rekening mee te houden als je je plateau opstelt. Bij “vloed” stijgt het waterpeil in een uur tijd met een meter. Voor je het weet heb je natte voeten. Van te voren even een getijdetabel raadplegen kan wel zo handig zijn. Dat zo’n getijdetabel in meerdere opzichten handig is komt ook omdat de aanwezige vis ook sterk kan reageren op eb en vloed. Als de Lek niet stroomt is het vaak lastig om een netje vis te vangen. Beter is het om bij opkomend water te gaan vissen. De aanwezige vis is dan veel actiever en slaat aan het azen zodra er beweging in het water komt.

Op dit soort wateren zit de vis vaak dichter bij dan je denkt. Vissen op een meter of dertig is vaak al meer dan genoeg. Vanwege de stroming heb je wel een pittige feeder nodig. Uit het foedraal van Peter komt dan ook een PvdW 390 Power Competition Feeder en een 420 Long Distance Feeder. Beide feeders zijn voorzien van een 6000 molen met daarop een gevlochten lijn van 10 0/00. De twee hengellengtes lange voorslag van 30 0/00 nylon maken beide gereed voor de sessie.  Als er nu veel vuil ronddrijft in de Lek is het wel zo slim om een paar spoelen met alleen maar 30 0/00 nylon bij je te hebben. Gebruik bij veel vuil geen gevlochten lijn in combinatie met een voorslag. Het ronddrijvend vuil blijft dan hangen op de voorslagknoop en zorgt ervoor dat bijna al je toppen er aan gaan.  

De 390 wordt ingezet als het doodtij is en er weinig stroming staat; de 420 kan aan de slag als het flink stroomt. Zorg er ook voor dat de feeder voldoende lengte heeft om je korf van de grond te houden als je een vis drilt. Als je feeder te kort is, loopt de korf tijdens het drillen aan de grond en is de kans dat je de gehaakte brasem kwijtraakt levensgroot. Probeer de gehaakte vis dan ook zo snel mogelijk omhoog te krijgen.



Eerst gaan we maar eens beginnen met peilen. Het is zaak om een schone plek te zoeken op een meter of dertig. De 390 wordt voorzien van een 60-grams blokkorf en de eerste korf vliegt door de lucht. Ter plaatse staat zes tellen/meter water. Als de korf de bodem bereikt heeft draait Peter de lijn langzaam binnen. De truc is nu om goed te voelen of de korf weerstand ondervindt. Als de korf niet vast komt te zitten en soepel over de bodem ingedraaid kan worden, heb je een schone plek te pakken. Lijnklip er op en je kunt beginnen.  Neem een stapeltje blok- en ankerkorven mee van 60 tot 140 gram. De blokkorven gebruik je als er weinig stroming staat, de ankerkorven als je merkt dat je blokkorf te snel meegevoerd wordt door de stroming.



Peters favoriete lokvoer in dit soort wateren is Geers Dender Orange. Een handje rode en gele van den Eynde Sinking Crumbs er bij en het voertje is klaar voor gebruik. Die Sinking Crumbs worden veel gebruikt als het water sterk stroomt. Het lokvoer wordt vaak wat meer verspreid door de stroming; de Sinking Crumbs stromen niet zo snel weg en zo blijf je een centrale voerplek houden.



Qua aas is het niet zo spannend; een bakje maden, wat casters en een zak wormen zijn vaak al genoeg. Voor de zekerheid kun je ook nog wat Ringerwafters en Sinking Boilies van 8 en 10 mm meenemen. Die willen het vaak aan een bandje nog wel eens goed doen. Ook de rode “spaghetti” kan nog wel eens een killer zijn op stromend water.  Veel dips gebruikt Peter niet; het enige dat op zijn aastafel staat is een leverdip van Top Secret. De geur van dit spul is zo sterk dat het zelfs de meest passieve brasem nog wel eens aan zou kunnen zetten tot azen.



De eerste blokkorf wordt gevuld met een mix van het voer en geknipte wormen en vliegt al snel door de lucht. Zo volgen er nog drie en de voerplek is gereed voor gebruik. Een onderlijntje van 16 0/00 en haakje tien maken zijn set compleet. Paar wormpjes en een made er aan en we kunnen. Het stroomt nog niet en dat betekent dat Peter vol op de voerplek kan gaan vissen. Het is toch een kwestie van het opbouwen van je voerplek. Dit doet hij door het eerste uur om de vier a vijf minuten een korf te brengen. Op die manier bouw je niet alleen een voerplek maar ook een voerspoor op. De Lek begint langzaam te stromen en dat betekent dat er actie gaat komen.



Peter blijft rustig ingooien op 10.00 uur en laat de korf langzaam meevoeren met de stroming tot deze op 14.00 uur ligt waarna hij opnieuw ingooit. Dit meehobbelen op de stroming is belangrijk en mag niet te snel gaan. Dit is ook de reden dat zijn aastafel vol ligt met blok- en ankerkorven van 60 tot 140 gram.  Als de 60-grams blokkorf te snel meegevoerd wordt, verwissel je deze voor een 80- of 100-grams exemplaar. Als ook de zwaarder blokkorf te snel meegevoerd wordt, schakel je over op ankerkorven. Zorg ervoor dat de korf met ongeveer dezelfde snelheid “meehobbelt” op de stroming.

Zonder enige waarschuwing vooraf wordt de 390 van Peter rondgetrokken en na een korte dril kan de eerste dikke voorn op de foto. De Lek staat bekend om haar schitterende bestand aan grote voorns en dikke brasems en dat is goed te merken aan de vangsten. Het waterpeil begint te stijgen en de Lek gaat meer stromen; dat betekent dat we er eens goed voor kunnen gaan zitten. Peter heeft zijn blokkorf inmiddels vervangen door een ankerkorf van 80 gram en laat ook deze meehobbelen met de stroming. Binnen de kortste keren is het weer raak en na een stevige dril staat hij met een Lekbrasem in zijn handen.



Ondertussen blijft hij ingooien op 10.00 en ophalen op 14.00 uur, laat hij de korf rustig meehobbelen met de stroming en zorgt hij er voor dat hij elke vijf minuten een korf voer brengt. Op die manier creëer je een fantastisch voerspoor. Dit is overigens ook zijn strategie tijdens wedstrijden. Als jij dus stroomafwaarts van Peter zit weet je nu wat er gebeurt. Door die constante stroom aan lokvoer en aas trekt de aanwezige vis vanzelf richting zijn voerstek. Het is niet voor niets dat het laatste uur tijdens wedstrijden vaak beslissend is. De vis moet ook even wakker worden en tegen het voerspoor op gaan zwemmen. Dit heeft vaak even tijd nodig.



Rustig doorvissend komt de een na de andere brasem richting zijn schepnet. Beetje lever over zijn haakaas en doorgaan. Je komt overigens ook nog wel eens tegen dat de lever direct in de gevulde korf gespoten wordt. Zo krijg je een leverexplosie op je voerplek. Het is maar dat je het weet. Of het werkt? Probeer het maar eens. Dit kun je overigens ook met andere additives proberen. Peter gebruikt niet zoveel additives omdat zijn geknipte pieren al genoeg aantrekkingskracht hebben op de aanwezige vis.



Dat Peter tot de absolute feedertop hoort is bij iedereen wel bekend. Het lijkt allemaal zo makkelijk te gaan, als je goed kijkt wat hij doet zit er wel degelijk een systeem in. Vissen op stromend water is vooral een kwestie van goed naar het water kijken en je materiaal constant aanpassen aan de veranderende omstandigheden. Gaat het harder stromen, pak dan zwaardere (anker)korven. Blijf opletten dat je korf over de bodem blijft “hobbelen” en niet te hard “weghobbelt”. Blijf schakelen en verwissel regelmatig van aas als de beten uitblijven.  Peil je stek uit en zoek een schone plek.

Last but not least: vergeet niet om plastic korven mee te nemen. Plastic korven kun je goed gebruiken als er weinig stroming staat en als er een paar meter voor je voerplek een randje ligt waar je bij een dril je vis op kwijtraakt. Plastic korven drijven en blijven zo net van de grond af en dit zorgt voor veel minder lossers. Het is maar dat je het weet.

Gijs Nederlof



Terug

01-01-2022
https://www.bdstore.com/tracking/tradetracker/redirect/?tt=23762_982543_40030_&r=
blank
http://www.warmtekleding.nl/
blank
https://www.nextlevelviscoach.nl
blank
https://berenkuil.com/snake-lake
blank
http://www.jvbaits.nl
blank
http://www.hengelsport-kruidenier.com/
blank
https://www.prestoninnovations.com/en
blank
http://www.fishcresta.eu
blank
https://www.vanpelthengelsport.nl/startpagina
blank